Zijn knoestige
verwrongen stam
lijkt op een
heel oud mens
wie niets
bespaard gebleven is
noch klacht meer
heeft,noch wens.
Zijn voeten
heeft hij al toevertrouwd
aan de
roodbruine aarde,
maar in zijn
zilveren blader-haren
fluistert,glanzend in het licht
het beetje goeds
dat hij vergaarde
het beetje liefs
dat hij bewaarde
in een
woordenloos gedicht.